Een chantoire of verdwijngat is een plaats waar een riviertje of beek de kalkrijke grond in verdwijnt om een stuk ondergronds zijn weg te vervolgen. De ondergrondse voortzetting van die rivier noemen we een karstrivier. Kalksteen is van zichzelf weinig water doorlatend en vaak tamelijk rigide van structuur. Als een kalksteenlaag onder druk staat, breekt het gesteente door deze rigiditeit. Zo ontstaan breuken, waarlangs grondwater door de kalksteen omlaag sijpelt. Hierdoor lost de kalk aan weerszijden van de breuk op. De breuk wordt daardoor wijder, waardoor meer grondwater naar beneden wordt afgevoerd. Dit verschijnsel heeft tot gevolg dat in kalkgebieden erg weinig stromen bovengronds lopen. Vaak verdwijnen ze in de grond waarbij diepe, verticale schachten genaamd karstpijpen kunnen ontstaan, waardoor zich op die plaats een waterval van soms meters hoog kan ontwikkelen.

De Maas heeft bij Bazolles-sur-Meuse een gebied met chantoires. In de zomer kan al het water van de rivier de grond in zakken, om bij Neufch√Ęteau weer boven te komen. In de winter met wat hogere afvoer loopt het water ook bovengronds, waardoor er wel een zichtbare rivier loop is tussen de twee plaatsen.